De Stadspartij-BPP vindt de klimaat- en energietransitie heel belangrijk. Maar er moet altijd aandacht zijn voor draagvlak, gezondheid en een toekomstbestendige aanpak. Inwoners en bedrijven moeten mee kunnen doen. Projecten moeten betaalbaar zijn en de natuur moet beschermd worden.
Onze standpunten:
De Stadspartij-BPP is tegen gaswinning in Middelie. Dit is vanwege de bodem en de angst voor aardbevingen.
Boeren worden gestimuleerd om kruidenrijk grasland te maken en te houden. Dit is goed voor de biodiversiteit.
We steunen ideeën om het openbaar groen aan te passen zodat er meer biodiversiteit komt.
De partij wil een groot circulair centrum bij de nieuwe milieustraat. Daar komen ook kringloopwinkels.
We blijven inzetten op afvalscheiding. Maar bewoners mogen niet te veel verschillende containers krijgen en het ophalen moet makkelijk blijven.
Bedrijven mogen geen rommel maken. De vervuiler moet opruimen, maar alleen als dit bewezen is. Bedrijven moeten zorgen dat grond- en oppervlaktewater schoon blijft. Ook op bedrijventerreinen moeten milieuregels gelden. Vergunningen moeten duidelijk en eerlijk zijn.
Kleine windmolens tot 15 meter hoog bij bedrijven stimuleren we. Grote windmolens willen we niet.
We stimuleren lokale energieopwekking, bijvoorbeeld zonnepanelen op daken van boerderijen, scholen, sporthallen, winkels en huizen. Ook kleine windmolens zijn mogelijk.
We steunen Purmerend in het besluit om geen mastenrij voor het 380 kV-net door Werelderfgoed Beemster aan te leggen.
Jagen voor plezier in Purmerend moet verboden blijven. De gemeente verpacht geen grond aan jagers.
De wildbeheereenheid (WBE) Beemster beheert 4.800 hectare om schade aan gewassen door wild te voorkomen. Dit doen ze al 70 jaar en registreren alles bij de provincie. Tot er een betere diervriendelijke oplossing is, blijft dit nodig.
Bij overlast van dieren, zoals ganzen of halsbandparkieten, zoeken we eerst een diervriendelijke oplossing.
Het kruidenrijk beheer door de gemeente moet doorgaan. Dit is goed voor biodiversiteit en bodemkwaliteit. Voor grasland betekent dit: minder maaien, weinig bemesting, hogere waterstand en kruiden zaaien. In de stad betekent dit: meer planten en dieren, voor een gezonde natuur.